Echtscheiding

 

Echtscheiding

Echtscheidingsprocedure
Indien u, al dan niet in overleg met uw huidige echtgeno(o)te voornemens bent om te scheiden, dient u altijd een advocaat in te schakelen. Een verzoek tot echtscheiding dient altijd aan de rechter te worden voorgelegd en dat kan een advocaat voor u doen.
De grond voor echtscheiding is “duurzame ontwrichting”. Van een schuldvraag is hier geen sprake.

Gezamenlijk verzoek tot echtscheiding
Indien u samen besluit te gaan scheiden en u bent in staat de gevolgen van de echtscheiding in onderling overleg te regelen is dat de snelste en goedkoopste manier om te scheiden. U heeft dan ook maar één advocaat nodig die namens u beiden het echtscheidingsverzoek kan indienen. Indien het u lukt om samen met behulp van uw advocaat of mediator een echtscheidingsconvenant op te stellen, waarin de gevolgen van de echtscheiding zijn neergelegd, kan de advocaat dit convenant samen met het echtscheidingsverzoek indienen. Indien er kinderen zijn moet u samen met uw echtgeno(o)te een ouderschapsplan opstellen. Ook dit ouderschapsplan moet aan de rechter worden overgelegd. Hierin worden afspraken over de verdeling van de opvoedings-en verzorgingstaken tussen de ouders neergelegd. Uit het ouderschapsplan moet bovendien blijken op welke wijze de kinderen betrokken zijn geweest bij het opstellen van het ouderschapsplan.
Indien het een gemeenschappelijk verzoek tot echtscheiding betreft, behoeft er geen mondelinge behandeling bij de rechtbank plaats te vinden en doet de rechter uitspraak op de stukken.

Eenzijdig verzoek tot echtscheiding
Een gezamenlijk verzoek tot echtscheiding is niet altijd mogelijk, bijvoorbeeld door een verstoorde verstandhou-ding en wanneer de standpunten zo ver uiteen liggen dat er geen overeenstemming meer mogelijk is. In dat geval kunnen partijen zich het best ieder tot een eigen advocaat wenden. Deze advocaat zal de belangen van zijn/haar cliënt behartigen en het echtscheidingsproces begeleiden. De advocaat zal namens u een verzoekschrift indienen. De andere partij kan hiertegen verweer voeren. Dit kan tegen de echtscheiding zelf of tegen de gevraagde nevenvoorzieningen, zoals bijvoorbeeld de verzochte alimentatie.
Ook in dit geval moet een ouderschapsplan worden ingediend. Als dit om wat voor reden niet mogelijk blijkt te zijn, moet aan de rechter worden toegelicht waarom dat niet is gelukt.
In dit geval vindt er altijd een mondelinge behandeling plaats.

Mondelinge behandeling
De mondelinge behandeling in familiezaken betreft een behandeling met gesloten deuren. Dit betekent dat er geen publiek aanwezig is bij de zitting. In de zittingzaal is aanwezig de rechter en de griffier, u en uw advocaat, de wederpartij en zijn of haar advocaat. Soms is er ook een vertegenwoordiger van de Raad voor de Kinderbescherming aanwezig.

Het horen van minderjarigen
De rechter moet minderjarigen vanaf twaalf jaar of ouder in de gelegenheid stellen hun mening kenbaar te maken. Kinderen vanaf twaalf jaar krijgen daarvoor een uitnodiging van de rechtbank. De minderjarige wordt dan gehoord door de rechter, samen met de griffier, buiten aanwezigheid van de ouders of advocaten. Uw kind hoeft niet naar de rechtbank te komen als hij of zij niet wil. Het kind kan in plaats daarvan ook een briefje aan de rechtbank schrijven. Het kind hoeft gelukkig niet zelf te kiezen bij welke ouder het na de echtscheiding gaat wonen. De mening van het kind is belangrijk maar niet doorslaggevend. De rechter geeft een beslissing in het belang van het kind.

De uitspraak en inschrijving van de echtscheidingsbeschikking
Wanneer de rechter een beslissing neemt wordt deze beslissing neergelegd in een echtscheidingsbeschikking. Deze beschikking wordt gemiddeld zes weken na de mondelinge behandeling gegeven, maar dat verschilt per rechtbank.
Indien de rechter de echtscheiding heeft uitgesproken, bent u echter nog niet gescheiden. De beschikking moet eerst worden ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. De ambtenaar van de burgerlijke stand schrijft de beschikking pas in als zeker is dat er geen hoger beroep is ingesteld. De hoger beroepstermijn bedraagt drie maanden. Indien er wel hoger beroep wordt aangetekend, moet de uitspraak van het hof worden afgewacht.
Als de beschikking in kracht van gewijsde is gegaan ( er staat dan geen rechtsmiddel meer open) dan moet de beschikking binnen zes maanden worden ingeschreven, anders verliest de beschikking haar kracht.

Voorlopige voorzieningen
Gedurende de echtscheidingsprocedure kunnen voorlopige voorzieningen worden getroffen. Deze voorlopige voorzieningen hebben een voorlopige karakter. Er kan bijvoorbeeld worden beslist over de vraag aan wie de kinderen voorlopig worden toevertrouwd, over een voorlopige kinderalimentatie of partneralimentatie, het voortgezet gebruik van de echtelijke woning. Deze voorlopige voorzieningen gelden voor de duur van de echtscheidingsprocedure.

Als voorlopige voorzieningen worden verzocht, wordt het verzoek meestal binnen drie weken na indiening door de rechtbank behandeld. Wanneer de voorzieningenrechter een uitspraak doet, moet het echtscheidingsverzoek vervolgens binnen 4 weken na de datum worden ingediend, anders verliezen de voorlopige voorzieningen hun kracht.

Scheiding van tafel en bed
Naast de “gewone” echtscheiding kan er ook “van tafel en bed” worden gescheiden. Deze vorm van scheiding is komt niet zo vaak meer voor sinds de samenwoningsverplichting tijdens huwelijk is komen te vervallen. Een scheiding van tafel en bed wordt nu nog vooral gekozen voor echtgenoten die op religieuze gronden geen echtscheiding wensen.

Door een scheiding van tafel en bed blijft het huwelijk in stand. Toch toont deze vorm van scheiding veel overeenkomsten met de gewone scheiding. Net zoals bij echtscheiding is de grond voor echtscheiding duurzame ontwrichting van het huwelijk. Ook kan er een regeling worden vastgesteld betreffende alimentatie en dient er – als er minderjarige kinderen zijn – een ouderschapsplan te worden ingediend samen met het verzoek tot scheiding van tafel en bed. Ook de huwelijksgemeenschap eindigt door scheiding van tafel en bed.

Tijdens een scheiding van tafel en bed mag men niet met een andere partner huwen. Samenwonen mag wel. De partneralimentatie vervalt bij een scheiding van tafel en bed niet.

De scheiding van tafel en bed kan worden beëindigd door verzoening of door ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed. Dit kan op eenzijdig of gemeenschappelijk verzoek. Voor een eenzijdig verzoek tot ontbinding van het huwelijk stelt de wet een minimumtermijn van drie jaren. Deze termijn begint te lopen vanaf de dag dat de uitspraak tot scheiding van tafel en bed in het huwelijksgoederenregister is ingeschreven.

Deze termijn kan op verzoek van een echtgenoot worden bekort tot minstens een jaar indien de andere echtgenoot zich schuldig maakt aan wangedrag. Voor een verzoek tot ontbinding van het huwelijk na scheiding van tafel en bed geldt geen wachttijd indien het verzoek gezamenlijk wordt gedaan.